
Martinus van Berkum: de Baron (1846-1932)
Historie 4.139 keer gelezenVelen van ons kennen de Baron als een van de personages van Bassie en Adriaan, roepend “drommels, drommels en nog eens drommels”. Bijgestaan door vlugge Japie, handige Harry en B100 (“ik heb ook altijd pech”) probeerde hij het clownsduo te dwarsbomen, wat steevast fout ging. “De Baron” uit Oss, Martinus van Berkum, was een minder romantisch figuur. Omdat hij allerlei (illegale) zaken coördineerde, verwierf hij de bijnaam “de baron”. Uit gevangenisregisters weten we, dat hij 1.63 meter lang was, bruine ogen en bruin haar had en een ringbaardje droeg.
Martinus werd in 1846 geboren als zoon van Lambert van Berkum en Geerdina Ruijs. Hij had 4 zussen en 3 jongere broers. Vader was visser, maar werd herhaaldelijk gearresteerd vanwege stroperij en illegale jacht. In 1850 werd hij tot 5 jaar tuchthuisstraf veroordeeld o.a. wegens diefstal van 5 broodmessen op de markt in Uden. Dit moet een ramp voor het gezin geweest zijn, omdat ze geen inkomsten meer hadden. Armoe troef zal het geweest zijn.
Daarom is het ook niet zo verwonderlijk, dat Martinus al vroeg in aanraking kwam met justitie: op vijftienjarige leeftijd kwam hij voor de rechter vanwege bedelen, en was toen al 5 keer door de kantonrechter veroordeeld voor soortgelijke overtredingen. In 1865 werd hij veroordeeld vanwege diefstal van een aantal boompjes en wegens mishandeling. In 1865 kreeg hij 15 dagen cel, omdat hij Pieter de Louw met een tang mishandeld had; in 1872 kreeg hij met zijn zwager Jacob Wittenberg 1 maand cel wegens mishandeling van een veldwachter. Zo ging het steeds door, regelmatig belandde hij voor korte tijd in de cel, soms wegens stropen, dan weer wegens mishandeling. Duidelijk is, dat men in Oss angst koesterde voor deze man.
In 1880 vond men op de Danenhoef het lijk van de vermoorde Jan van den Heuvel, de beruchte boef “Jantje den Brus”. Voornaamste verdachte was Martinus van Berkum, maar ondanks allerlei geruchten, kreeg het OM het bewijs tegen hem niet rond. Zijn beroep veranderde nogal eens: soms gaf hij op arbeider te zijn, dan weer kuiper, en soms jager. Ook runde hij een bierhuis, en vandaaruit coördineerde hij blijkbaar allerlei illegale zaakjes. Allerlei onopgeloste diefstallen werden aan hem gelinkt. In 1885 was er een poging tot diefstal van een bankkluis bij de fa Jurgens; men kreeg de kluis niet open, waarmee de leverancier landelijk reclame voerde. Bij koopman Coolen in Berghem werd f 1500,- gestolen, daders onbekend. Ook vond allerlei intimidatie plaats: zo werd de huizen van boterfabrikanten Arnold van de Bergh en van Meijer van Leeuwen met hagel beschoten en werd opzichter De Bruin van Jurgens ‘s ochtends onder vuur genomen.
Illustratief voor het gewelddadig optreden van Van Berkum zijn de mishandelingen van Peter Grandia en van Gerard Vos. Peter Grandia wilde na zijn scheiding zijn huisje in Berghem verkopen, maar kreeg ruzie met de Baron over de prijs. Hij kreeg een snijwond van 6 cm lang en 4 cm diep op zijn rug, maar ondanks getuigen durfde niemand Van Berkum aan te geven.
Bij Gerard Vos waren meerdere personen betrokken. In diens herberg was een feestje van de familie Van Vlijmen, waar opeens Martinus van Berkum met zijn zonen Frans, Jo en Toon verscheen met de vraag, waarom zij niet genodigd waren. Dit mondde uit in een vechtpartij, waarbij het meubilair in de herberg van Vos vernield werd, de gebroeders van Vlijmen zwaar mishandeld werden en Gerard Vos aan zijn haren naar buiten gesleept werd en geslagen en geschopt werd. Een van de aanwezige echtgenotes was de marechaussee gaan waarschuwen, maar toen die verscheen waren de Van Berkums reeds weg.
Allerlei verklaringen werden afgelegd over het gebeurde. Bij de terechtzitting verklaarde Vos en zijn vrouw Helena van Vugt plotsklaps, dat ze zich niets konden herinneren van het gebeurde. Gerard Vos verklaarde zelfs dat hij geen verklaring had afgelegd bij de marechaussee. Vos had van bekenden het advies gekregen niets te verklaren, want anders “zouden de Van Berkums er te diep in geraken en je wilde Van Berkum niet tegen je hebben”. Gerard Vos en zijn vrouw Helena van Vugt werden tijdens de zitting nog opgepakt wegens meineed en tot 18 maanden celstraf veroordeeld. Zo groot was de angst voor de familie Van Berkum: je ging liever de cel in ging dan tegen hen te getuigen!
Van Berkom of Van Berkum?
In 1807 werd er in opdracht van Napoleon een staatscommissie ingesteld om voor alle Nederlanders een achternaam vast te leggen. In 1811 werden de akten van de burgerlijke stand officieel vastgelegd, maar soms werden er fouten gemaakt bij de vastlegging van de namen, zeker omdat de meeste mensen niet konden lezen of schrijven. Bij huwelijken, overlijden of geboortes werden af en toe wijzigingen aangebracht, wanneer betrokkenen bij de kantonrechter met getuigen konden aantonen, dat hun achternaam anders was dan genoteerd. Dit gebeurde ook bij een deel van de familie Van Berkom. Pa Lambertus van Berkom liet zijn achternaam veranderen in Van Berkum. Ook de namen van zijn kinderen (4 jongens en 4 meisjes) werden in het bevolkingsregister aangepast. Opvallend is wel dat enige kinderen van Martinus van Berkum hun naam in de VS veranderden in Van Berkom, misschien omdat de naam van Berkum te besmet was vanwege de misdaden van hun vader. Maar het is dus niet zo, dat de Van Berkums de slechteriken zijn en de Van Berkoms de goede tak!
De vlucht van de Baron naar Amerika
Wachtmeester Gerrit Hoekman van de Osse Marechaussee was niet bang voor de familie Van Berkum. Herhaaldelijk bezocht hij het bierhuis van de Baron voor ondervraging. Ook zette hij vrienden en bekenden van de familie onder druk om tegen hen te getuigen. Hij werd een sta-in-de weg voor de baron en dus moest er iets ondernomen worden, vooral ook, omdat op 28 maart 1893 er een zitting was tegen Toon van Berkum vanwege betrokkenheid bij de mishandeling van Van Vlijmen en Gerard Vos. Hoekman zou daar als getuige optreden, maar al een paar dagen eerder verklaarde Toon tegen een bekende, dat Hoekman niet aanwezig zou zijn op die zitting! Helena van Vugt verklaarde ook, dat Martinus van Berkum gezegd had dat ‘diegene die Hoekman een kogel door zijn kop zou jagen, zijn beste koe uit diens stal zou krijgen’.
In de avond van 26 maart 1893 was het zover: een moordcommando stond op de Eikenboomgaard klaar om Hoekman te doden. Gijsbertus van Gelder loste de fatale schoten, waarbij Toon van Berkum en de gebroeders Piet en Cis de Bie hem waarschuwden dat Hoekman er aankwam. Op 7 april werd een aanplakbiljet gevonden met de aankondiging dat burgemeester Fenseling, pastoor van der Laan en de familie Jurgens de volgende slachtoffers zouden zijn. Maar dankzij kroongetuige Janus van Galen werd de muur van stilzwijgen geslecht en konden de daders veroordeeld worden. Martinus van Berkum probeerde nog allerlei mensen om te kopen om valse verklaringen af te leggen (verschillende personen zouden Gijsbertus van Gelder nog hebben zien lopen bij de Oijense Hut op de tijd van de moord), maar de rechtbank legde deze verklaringen terzijde als zijnde vals.
Van Gelder kreeg levenslang, maar kreeg in 1923 gratie van koningin Wilhelmina vanwege haar 25-jarige ambtsjubileum. Toon van Berkum kreeg aanvankelijk 15 jaar cel, maar in hoger beroep werd dit omgezet in 10 jaar gevangenisstraf. De gebroeders de Bie werden eerst vrijgesproken, maar later tot 15 jaar gevangenisstraf veroordeeld, nog aangevuld met een aantal jaren cel wegens meineed. Martinus van Berkum was inmiddels gevlogen; hij had zijn bezittingen verkocht voor f 2500,- (nu ca € 85.000) en was tijdelijk ondergedoken in Antwerpen.
In 1894 werd Martinus van Berkum wegens grafschennis van het graf van wachtmeester Gerard Hoekman en meineed tot 6 jaar cel veroordeeld, maar toen was hij inmiddels wel met zijn kinderen en enige bekenden naar Amerika gevlucht. Zijn zoon Lambertus werd bij verstek veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf wegens mishandeling van Toon Ruijs. Men zal in Oss niet rouwig geweest zijn om het vertrek van de familie naar Amerika. Daar kwam Martinus uiteindelijk terecht in de staat Minnesota en overleed evenals zijn vrouw Johanna Wittenberg op de leeftijd van 85 jaar in 1932. Na zijn vrijlating is ook Antoon van Berkum naar Amerika gegaan, daar getrouwd en 6 kinderen gekregen. Toon overleed in 1943 in North Dakota, waar ook zijn ouders op latere leeftijd naartoe verhuisden en begraven werden.
![]()
Grafsteen van Martinus van Berkum en Johane Wittenberg op de Saint James Cemetery, Powers Lake, Burke, North Dakota.
In tegenstelling met de Baron van Bassie en Adriaan, die nooit zijn gerechtelijke straf ontliep, was dat bij Martinus van Berkum anders: hij leefde nog lang in vrijheid in Amerika, maar hopelijk niet gelukkig.















